• Artrose
  • Bravecto
  • Chippen
  • Filmpjes van patienten
  • Fokken met de hond
  • Fysiotherapie
  • Knie operatie hond
  • Laparoscopie
  • Losse Processus Coronoideus (LPC)
  • Microscopie van oorsmeer
  • Ontwormen op maat
  • Tuberositas Tibiae Advancement (TTA)
  • Uw huisdier mee op vakantie
  • Vaccineren of titeren?

Artrose

Heeft mijn hond artrose?

Wat is artrose eigenlijk?

Een röntgenfoto van een hondenpoot Artrose wil zeggen dat een gewricht zodanig versleten is, dat het ‘normale’ kraakbeen weg is. Het daardoor vrijgekomen bot probeert het gewricht te herstellen. Dit leidt tot nieuwe onregelmatige botstukjes in het gewricht. Het gewricht wordt dikker, stijver en pijnlijker.

Een groot aantal van de bij de dierenarts aangeboden kreupele honden, heeft last van artrose. Vooral trauma, overgewicht, veroudering en erfelijke aanleg versterken de kans op artrose. Zo is de gemiddelde startleeftijd voor artrose 3,5 jaar bij de rottweiler en 9,5 jaar bij de poedel.

Voeding speelt een belangrijke rol in de vorming van gewrichten. Tekort aan bepaalde voedingsstoffen tijdens de groei van een pup (door bijvoorbeeld enkel vlees te voeren) versterkt de kans op afwijkende gewrichten. Overvoeding van dezelfde pup leidt echter mogelijk tot overgewicht en een afwijkende botlengte. Snelle botgroei betekent ook meer kans op gewrichtsproblemen en dus meer kans op artrose!

Wat kan ik merken aan mijn hond?

Artrose uit zich meestal in startkreupelheid. Dit houdt in dat de hond vooral kreupel loopt als hij net een tijd gelegen heeft. Dit is vaak erger als hij zich voor het rusten flink heeft ingespannen. Als het dier een tijdje gelopen heeft neemt de kreupelheid vaak weer af.

Artrose is vast te stellen door het maken van röntgenfoto’s van het betreffende gewricht.

Wat kunnen we aan artrose doen?

Een succesvolle behandeling van artrose bestaat uit:

  • Regelmatig bewegen
  • Het gewicht van de hond optimaliseren: overmatige belasting van gewrichten versterkt het ontstaan van artrose, dus breng en houdt uw hond in optimale conditie
  • Ontstekingremmers met pijnstillende eigenschappen
  • Aangepaste voeding met gewrichtsbeschermende stoffen, bijvoorbeeld Mobility van Royal Canin
  • Glucosaminoglycanen en chondroïtinesulfaten; stoffen die invloed hebben op de vorming en het in stand houden van gewrichtskraakbeen, indien geen speciale voeding gegeven wordt.
  • Dierfysiotherapie: met behulp van massage en speciale apparatuur worden gewrichten soepel gehouden en spieropbouw versterkt (zie de vereniging voor dierfysiotherapeuten, www.nvfd.nl)
  • Alternatieve therapieën (met een ondersteunend effect, vaak al aanwezig in speciaal dieetvoer voor gewrichtsproblemen)
  • Operatie: een kapotte kruisband of een los stukje kraakbeen in een gewricht kan de artrose vorming in de hand werken. Door de oorzaak te verwijderen is artrosevorming mogelijk te stoppen.

Bravecto

Bravecto

Op dit moment verschijnen er veel verontrustende berichten op internet over het antivlooien en antitekenmiddel Bravecto. Het zou acuut leverfalen veroorzaken en er zouden dieren door het gebruik van dit product overleden zijn. Wij krijgen dan ook veel vragen over de veiligheid van dit product. Via deze weg willen wij u op de hoogte brengen van de laatste stand van zaken.

Bravecto is een nieuw product. En, zoals altijd bij de introductie van een nieuw product, gaan er inderdaad verhalen de ronde over de nadelige en zelfs dodelijke gevolgen van het gebruik ervan. Echter, op de dieren die overleden zijn, is geen sectie verricht. Sectie is de enige manier om eventuele samenhang met Bravecto te bewijzen. Er is dus geen bewijs dat het plotselinge leverfalen daadwerkelijk door de Bravecto komt. Echter, onbegrepen leverfalen komen wij sowieso zo af en toe tegen bij patiënten, ook toen Bravecto nog niet op de markt was.

Als je dier op jonge leeftijd plotseling sterft door acuut leverfalen, is het menselijk om daar een boosdoener voor aan te willen wijzen. En als je dan Bravecto toevallig toegediend hebt, dan is dat natuurlijk de schuldige. Wij hebben echter met hetzelfde soort verhalen te maken gehad toen andere middelen op de markt gebracht werden. Ook door die producten zouden meerdere dieren overleden zijn. En ook dat is nooit bewezen en nu hoor je er nooit meer wat van.

In de officiële studies blijkt dat Bravecto een erg veilig product is, zelfs veiliger dan menig ander product. Ook onze ervaringen ermee binnen onze eigen praktijk zijn erg positief. Vooralsnog gaan we van de officiële cijfers uit en moeten we concluderen dat het een veilig product is. Het staat natuurlijk buiten kijf dat we alle ontwikkelingen nauwlettend volgen. Zodra er enige twijfels zijn over de veiligheid van het product, dan zullen we natuurlijk direct maatregelen treffen en dat communiceren. Maar nogmaals: vooralsnog gaan we er van uit dat het juist een erg veilig product is. Op www.bravectofacts.com staan de mythes en feiten rondom Bravecto uitgezet door de fabrikant MSD.

Mocht u toch liever een product hebben wat zich niet verspreidt via de bloedbaan, dan zijn er natuurlijk goede alternatieven. Vraag ernaar bij onze assistentes.

Chippen

Chippen

Dagelijks raken er vele huisdieren zoek en veel vondelingen komen in het asiel terecht. De meeste honden en katten dragen een adreskokertje, maar deze kunnen ze verliezen. Vaak weten eigenaren niet precies waar nou dat ene witte vlekje zich bevindt (Was het nu op de linker- of rechterpoot?). Deze eigenaren doen veel moeite om hun huisdier terug te vinden, maar helaas vaak met weinig succes.

Uit de cijfers blijkt dat een groot aantal dieren nog steeds in een asiel terecht komt en niet meer bij hun eigenaren terugkeren. De oorzaak is verklaarbaar: een dier kan niet vertellen waar hij woont. Sinds een aantal jaar is er een oplossing voor dit probleem: de chip. Deze wordt met behulp van een naald onder de huid van een dier ingebracht, waar het zijn hele leven blijft zitten. In de chip zit een uniek nummer dat met een chipreader afgelezen kan worden.

Registratie

Wij zorgen ervoor dat het chipnummer en de gegevens van u en uw dier geregistreerd worden bij op Petlook.nl, een databank voor gezelschapsdieren. Een veilig gevoel is dat deze databank behalve in Nederland ook is aangesloten bij het Europese systeem: mocht uw dier zelfs in het buitenland vermist worden, kan hij via de chip en de databank weer bij u terugkomen.

Chippen van honden verplicht!

Sinds 1 april 2013 is het chippen van honden verplicht. Dit betekent dat honden, geboren vanaf deze datum, moeten worden gechipt binnen zeven levensweken. De registratie van deze chip moet plaatsvinden binnen acht weken na de geboorte van de hond. Dit verplicht de houder tot registratie van eigen naam, adres en woonplaats, nummer van de chip, de geboortedatum van de hond, de datum van het chippen en de naam, adres en de woonplaats van de persoon die de hond gechipt heeft. De houder is ook verplicht wijzigingen door te geven (wisseling of verhuizing van houder, overlijden hond, et cetera).

Filmpjes van patienten

Filmpjes van patienten

Fokken met de hond

Fokken met de hond

De voorbereiding

Als u besloten heeft om een nestje te gaan fokken met uw hond moet er een aantal dingen geregeld worden.

Ten eerste is het belangrijk om de teef te ontwormen voordat ze gedekt wordt en als de pups 2, 4, 6 en 8 weken oud zijn (pups en teef tegelijk).  Vaccineer de teef tenminste drie weken voor de loopsheid, zodat zij voldoende antistoffen via de moedermelk aan de pups mee kan geven.

Röntgenfoto op 55 dagen dracht
Röntgenfoto op 55 dagen dracht

Het optimale dektijdstip kan bij ons bepaald worden middels klinisch beeld en bloedonderzoek op progesteron (om de dag/dagelijks afhankelijk van de waarde). Het bepalen van het optimale dektijdstip via progesteron is zowel belangrijk met een natuurlijke dekking als kunstmatige inseminatie voor een zo vruchtbaar mogelijk resultaat! De natuurlijke dekking kan het beste bij de reu gedaan worden, gezien dominante teven zich thuis soms moeilijker laten dekken. Mocht kunstmatige inseminatie nodig zijn, dan kan zowel het vangen van sperma van de reu als het insemineren van de teef bij ons op de praktijk gebeuren.

Tijdens de dracht

Vanaf dag 28 na dekking/inseminatie kan via echografisch onderzoek vastgesteld worden of de teef dragend is en kan een schatting gemaakt worden van het aantal pups. Het exacte aantal pups is met echo moeilijk te bepalen. Mocht dit nodig zijn kan dit vanaf 55 dagen dracht via het maken van een röntgenfoto.

De dracht duurt gemiddeld 63 dagen, waarbij een kleiner nest soms voor een langere drachtperiode zorgt. Het is belangrijk om de teef ten minste 3 weken van tevoren te laten wennen aan een werpkist, zodat zij zich daarin op haar gemak voelt. Zorg voor een warmtelamp, omdat de pups zichzelf in de eerste weken niet warm kunnen houden. De teef wordt 24-48 uur voor de bevalling onrustig en vertoont nestelgedrag. Daarnaast daalt de temperatuur, vaak tot onder de 37 graden Celcius. De teef verliest vervolgens wat helder, lichtgroen vruchtwater, waarna de eerste pup binnen enkele uren verwacht kan worden. Tussen de pups kan 45-60 minuten tussentijd zitten waarin de teef even uit rust.

Neem direct contact met ons op als:

  • De teef langer dan 65 dagen drachtig is
  • De uitvloeiing, zowel voor als na de bevalling, donkergroen of stinkend is
  • De teef langer dan 30 minuten krachtige buikpers heeft zonder dat een pup geboren wordt
  • De teef zich agressief gedraagt richting haar pups
  • De teef onvoldoende melkgift heeft
  • Onduidelijk is of alle nageboortes/pups geboren zijn en de teef onrustig blijft

Mocht tijdens de dracht/bevalling een complicatie optreden en een keizersnede noodzakelijk zijn, dan bent u bij ons op het juiste adres. Bekijk een fotoverslag.

Fysiotherapie

Dierfysiotherapeute Hedwig Slabbekoorn

Wanneer je last hebt van je spieren of gewrichten, is de weg naar de fysiotherapeut snel gevonden. Maar hoe werkt dat eigenlijk bij dieren? Net als mensen hebben ook zij last van blessures en pijn aan hun spieren en gewrichten en kunnen we als dierfysiotherapeut veel betekenen. Toch is het nog lang niet altijd vanzelfsprekend om naar een dierfysiotherapeut te gaan. Voor veel mensen is het onbekend en weten ze niet dat die mogelijkheid er is.

Caroline Janssen

In 2012 is Hedwig samen met Caroline Janssen Animoo gestart; “een bedrijf waarbij we ons op honden en paarden richten. Caroline ziet de meeste paarden van ons en Hedwig de honden. Toch komt het ook wel eens voor dat we een kat zien”.

Hedwig is een ervaren (sport)fysiotherapeute en werkt vaak op de donderdag in de Dierenkliniek als dierfysiotherapeute. De dierenarts adviseert en verwijst naar de dierfysiotherapeut op het moment dat dat aan de orde blijkt te zijn.

Hedwig heeft zich gespecialiseerd in actieve therapie en revalidatie. Haar behandelingen richten zich op gericht bewegen, weefsel-specifiek belasten en het hanteren van het principe belasting-belastbaarheid. Daarnaast zullen, waar nodig, massage- en mobilsatietechnieken ingezet worden.

“Ik wil met mijn begeleiding een bijdrage leveren aan het verbeteren van de beweging en het functioneren van uw hond”. In de samenwerking met Laurens van Zuijlen is overleg een welkome meerwaarde.” 

De behandelingen kosten €40,- per keer. Dit is exclusief eventuele reistijd. Voor meer info zie www.animoo.nl.

Indien u verzekerd bent voor uw dier wordt fysiotherapie, afhankelijk van uw pakketkeuze, vaak vergoed. Hedwig voldoet aan de criteria die de verzekeraar stelt. Zo is ze lid van de vakvereniging NVFD.

Knie operatie hond

Heeft uw hond een knie operatie nodig?

Loopt uw hond kreupel met een achterpoot of kan hij of zij helemaal niet meer lopen? Deze pijn kan mogelijk veroorzaakt worden door een scheur in de voorste kruisband van uw hond. Wanneer u vroeg de symptomen herkent is behandeling prima mogelijk door een knie operatie bij uw hond. Door snel te handelen voorkomt u gevolgen zoals pijn, ernstige gewrichtsslijtage en artrose.

Hieronder vindt u meer informatie over de mogelijke oorzaken, diagnose, behandeling en nazorg voor uw hond. Wilt u weten of uw hond geopereerd moet worden? Maak dan een afspraak met Dierenkliniek Hattem voor een diagnose en indien nodig een tijdige behandeling van uw hond.

Symptomen herkennen voor knieproblemen

Problemen aan de knie van uw hond zijn te herkennen als uw hond:

  • Kreupel, wankel of hinkend loopt
  • Alleen nog maar kan zitten met de kreupele poot opzij i.p.v. onder het lichaam
  • Een dikke knie heeft (dit komt door de ophoping van vocht rondom het kniegewricht)

Redenen voor een knieblessure bij honden kunnen zijn: (wild) spelen en rennen op oneffen terrein, een glijpartij op ijs of nat gras of verkeerd neerkomen op 1 poot na een sprong. Veel eigenaren geven aan een ‘knappend’ geluid te hebben gehoord of een pijnreactie bij de hond op het vermoedelijke moment van blessure.

De meest voorkomende oorzaak van een pijnlijke knie bij honden is een gescheurde kruisband. De voorste kruisband van de knie verbindt het bovenbeen met het scheenbeen. Een scheur in de kruisband kan de stabiliteit van het kniegewricht verminderen waardoor uw hond niet meer normaal op de knie kan steunen en wankel of kreupel gaat lopen. Een knie operatie kan uitkomst bieden aan uw hond. Hoewel alle honden de kruisband kunnen scheuren komt hebben de volgende honden een verhoogd risico i.v.m. de vorm van de poten en knieën: Berner Sennenhonden, boxers, chow chows, keeshonden, labradors, rottweilers, Newfoundlanders, dogachtigen, bulldogs en bull terriërs.

Diagnose gescheurde kruisband

Heeft u het vermoeden dat uw hond een knieblessure heeft of een gescheurde kruisband? Benader ons direct voor een diagnose. Om te bepalen of uw hond een knie operatie nodig heeft voeren wij eerst lichamelijk onderzoek uit. Als hierbij een een pijnlijk, gezwollen en instabiel kniegewricht gevonden wordt nemen wij vervolgstappen. Om de diagnose te bevestigen en andere knieproblemen uit te sluiten maken wij röntgenfoto’s van de knie. Naar aanleiding van de onderzoeksresultaten bepalen we of uw hond daadwerkelijk geopereerd moet worden of dat er andere behandelingen mogelijk zijn.

Indien het nodig is om een knie operatie in te zetten dan gebeurt dit meestal binnen enkele weken om verdere klachten en complicaties te voorkomen. Tijdens de knie operatie van uw hond passen wij in de meeste gevallen de TTA (tuberositas tibiae advancement) methode toe. Hierbij wordt de hoek van de knie aangepast, zodat de krachten en belasting op de knie anders verdeeld worden.

Behandeling, voorzorg en nazorg bij knie operatie hond

Voordat de knie geopereerd wordt moet uw dier in eerste instantie voldoende rust houden en de voorgeschreven pijnstillers en ontstekingsremmers nemen. Een gescheurde kruisband of andere knieblessure moet vervolgens wel altijd operatief hersteld worden, bij voorkeur binnen enkele weken na het ontstaan van de scheur. Dit is nodig om niet alleen op korte, maar ook op lange termijn het pijnvrije functioneren van de knie te realiseren.

Lees meer over onze TTA (tuberositas tibiae advancement) methode.

Wordt de diagnose gesteld dat uw hond inderdaad een knie operatie moet ondergaan volgens de TTA (tuberositas tibiae advancement) methode? Dan is het verstandig op de dag van de operatie met de volgende punten rekening te houden. Uw hond moet:

  • Nuchter zijn en mag tenminste 12 uur voor de operatie niets eten
  • Behandeld zijn tegen wormen en vlooien en recent rustig uitgelaten zijn
  • Een goed sluitende halsband dragen en vast kunnen zitten aan een riem

Als u uw hond bij ons achterlaat voor de operatie, vragen wij u uw telefoonnummer achter te laten. Ook kunt u ons dan meteen melden of uw hond afwijkend gedrag heeft vertoond die betreffende dag. Denk aan diarree, braken of erg veel drinken. Zodra de operatie voltooid is, ontvangt u van ons informatie over de nazorg voor honden na een knie operatie.

Maak een afspraak voor een knie operatie voor uw hond

Vermoedt u dat uw hond een knie operatie moet ondergaan? Maak dan een afspraak met ons. Wij zijn gespecialiseerd in het verrichten van TTA operaties bij honden. U bereikt ons door te bellen naar 038 - 444 25 12 of stuur een mail naar info@dierenkliniekhattem.nl.​

Laparoscopie

Sterilisatie van de hond via kijkoperatie

Dierenkliniek Hattem werkt nu een aantal jaren met deze nieuwe techniek: de kijkoperatie, o.a. voor de sterilisatie bij de hond. Bij mensen worden al veel operaties door middel van een laparoscopie gedaan. Bij dieren gebeurt dat veel minder, omdat de apparatuur die hiervoor nodig is duur is, en omdat het een speciale training vereist voor de dierenarts om deze manier van opereren uit te kunnen voeren.

Minder pijn, nabloedingen en/of ontstekingen

Maar een kijkoperatie heeft een aantal voordelen ten opzichte van een gewone operatie, en dat is ook zo bij de sterilisatie van een hond. Zo zijn er maar 2 kleine gaatjes van een 0,5 centimeter nodig, er is een beter overzicht van de buik door de speciale camera. De pijn die door de operatie veroorzaakt wordt is minder. De paar hechtingen die nodig zijn worden onder huid gelegd en lossen vanzelf op en er is minder kans op nabloedingen of ontstekingen.

Inmiddels zijn er vele teefjes door middel van deze nieuwe techniek geopereerd. Er zijn daarnaast al een aantal reuen met een testikel in de buik (een cryptorch) gecastreerd door middel van deze techniek. Ook voor hen geldt: veel minder grote wond, sneller herstel!

Het is zeer prettig om te zien hoe snel de honden herstellen van deze kijkoperatie. Heeft u een teefje die u op deze wijze zou willen laten steriliseren? Bel dan naar de kliniek om een afspraak te maken. Bekijk de fotoreportage.

Losse Processus Coronoideus (LPC)

Losse Processus Coronoideus (LPC)

Elleboogdysplasie is een veelvoorkomende aandoening. Erfelijke predispositie (aanleg) en een verkeerde ontwikkeling van het gewricht zijn de voornaamste redenen voor deze afwijking. Meestal betreft het jonge dieren (tussen de vijf maanden en één jaar). Tijdens de ontwikkeling van de elleboog is het mogelijk dat er een los stukje kraakbeen in het gewricht achterblijft. Dit noemen ze, als het aan de binnenkant van de ellebooggewricht zit, een Los Processus Coronoidius (LPC). Met behulp van arthroscopie (kijkoperatie) kan dit stukje uit het gewricht verwijderd worden.

lpc l-elleboog (los fragment)

lpc l-elleboog

lpc l-elleboog

lpc r-elleboog

lpc r-elleboog

Microscopie van oorsmeer

Microscopie van oorsmeer

Steeds vaker doen we een microscopisch onderzoek van de oren, om te bepalen welke therapie het beste past. Hieronder enkele voorbeelden. 

Ontwormen op maat

Ontwormen op maat

Bewust met medicijnen omgaan, dieren enkel behandelen als dat noodzakelijk is, dat is ons streven. Dierenkliniek Hattem brengt om die reden het zoeken naar wormen in de ontlasting van uw huisdier onder de aandacht. Er zijn meerdere mogelijkheden als het over goede controle op wormen gaat.

Waarom is ontwormen überhaupt belangrijk? Uw huisdier kan infecties overbrengen op de mens. Kinderen, ouderen en mensen met een zwak immuunsysteem lopen het meeste risico. Ontwormen is dus zeker ook in het belang van de gezondheid van uw gezin! Door minimaal vier keer per jaar te ontwormen houdt u het risico zo klein mogelijk.

Toxocara canis (rondworm)

Veruit de meest voorkomende worminfectie is de rondworm. Bijna alle pups worden al besmet in de baarmoeder en komen met een rondworminfectie ter wereld. De larfjes maken een trektocht door het lichaam waarna ze in de darm uitgroeien tot volwassen wormen en eieren produceren. Deze eieren kunnen door de mens opgenomen worden en voor ziekteverschijnselen zorgen. Ze zullen echter nooit uitgroeien tot volwassen wormen. Voor de pups is het dus van belang om al op jonge leeftijd te starten met de ontworming. Wij houden het volgende ontwormingsschema aan: 2, 4, 6 en 8 weken leeftijd, vervolgens maandelijks tot de leeftijd van een half jaar.

Bij de kittens vindt de besmetting enkel plaats via de melk en later vanuit de omgeving. Omdat katten pas na de geboorte besmet worden begint de eerste therapie op drie weken. De behandelingsschema bij de kittens is: 3,5 en 7 weken. Vervolgens maandelijks tot de leeftijd van een half jaar.

Hierna volgt voor zowel de hond en de kat het standaard advies van minimaal 4 keer per jaar ontwormen. Waarom willen wij dan de ontlasting van uw huisdier controleren? Nadat uw huisdier de leeftijd van een half jaar heeft bereikt stopt de trektocht van de larfjes en nestelen ze zich in het lichaam in een ‘rustfase’. Ze komen pas weer in actie als het dier ziek is, er een stressvolle periode gaande is, of als het vrouwelijk dier drachtig wordt. De larfjes groeien dan weer uit tot volwassen wormen en produceren ook weer eieren die op hun beurt weer door mens opgenomen kunnen worden. Aan de buitenkant van uw dier is het niet zichtbaar wanneer dit gaande is, maar wel in de ontlasting! In plaats van standaard vier keer per jaar te ontwormen raden wij aan om minimaal vier keer per jaar de ontlasting te onderzoeken. Is er op dat moment ei uitscheiding, dan kunt u vervolgens ontwormen. Zo voorkomt u onnodig gebruik van ontwormingsmiddelen, maar houdt u uw viervoeter wel wormvrij.

ESCCAP Richtlijn –Wormbestrijding bij hond en kat (6e editie, mei 2021), www.esccap.eu.

Tuberositas Tibiae Advancement (TTA)

Tuberositas Tibiae Advancement (TTA)

Voorste kruisband

Een veelvoorkomende aandoening bij de hond is een scheur van de voorste kruisband. Deze blessure komt met name voor bij grote hondenrassen, maar kan bij iedere hond optreden. De scheur in de voorste kruisband kan gedeeltelijk (partieel) of volledig zijn. Door de scheur kan het onderbeen te veel en te vrij bewegen ten opzichte van het bovenbeen. Hierdoor kunnen er ook problemen ontstaan in de meniscus (zie foto). De meniscus fungeert als een kussen in de knie. De meniscus kan scheuren of er kan een deel van de meniscus verplaatsen; hetgeen een ontstekingsreactie (en pijn) tot gevolg heeft.

Operatie technieken

Een volledige scheur van de voorste kruisband moet altijd geopereerd worden. Er zijn tal van operatietechnieken die hiervoor gebruikt worden. In onze kliniek is het mogelijk de knie te opereren met een band (Flo-teugel methode) of door middel van de TTA (tuberositas tibiae advancement) methode. Een Flo-teugel kan bij honden van kleinere rassen gebruikt worden, maar is niet stevig genoeg bij grotere honden. Hieronder gaan we verder in op de TTA methode.

Kniegewricht

Het kniegewricht bestaat uit meerdere structuren die het samen mogelijk maken om een scharnier te maken tussen het boven en het onderbeen. Deze structuren worden ondersteunt door diverse grote spiergroepen. De belangrijkste spieren die het bovenbeen strekken zitten aan de voorzijde en eindigen in een strekpees. De knieschijf (groene stip) is het benige (=harde) deel in deze strekpees die door de groeve van het bovenbeen heen loopt en eindigt op het scheenbeen (rode stip). Op de tekening zie je de knie van de voorzijde waarbij de pees is verwijderd voor een duidelijke zicht op de knie.

Correctie van de gewrichtshoek

Bij een hond waarbij de voorste kruisband is gescheurd wordt de knie instabiel en kan de hond niet normaal op de knie steunen. Bij de TTA operatie wordt niet de scheur in de kruisband hersteld, maar wordt de hoek van de knie aangepast. In een normale situatie is de gewrichtshoek (de hoek gevormd door het tibiale plateau en de rechte patellaband) ongeveer 115 graden. Bij de TTA operatie wordt de hoek naar 90 graden gecorrigeerd. Hierdoor neemt de rechte patellaband de krachten over, die normaal door de voorste kruisband worden opgevangen en is er geen noodzaak meer voor een nieuwe voorste kruisband. Deze techniek is vooral ideaal voor honden waarbij een vervangende band (Flo-teugel) niet sterk genoeg is, zoals bij honden zwaarder dan 25 kilo.

Operatie techniek

Op de eerste plaats is het belangrijk om tijdens de operatie de restanten van de gescheurde kruisband te verwijderen en de meniscus te beoordelen. Er wordt gekeken of er beschadigingen zijn en of het noodzakelijk is om afwijkende delen te verwijderen. Nadien wordt het kniegewricht gesloten. Om de gewrichtshoek te corrigeren wordt er een deel van het onderbeen losgezaagd (crista tibia). Vervolgens wordt het losgezaagde deel met een titanium plaat en schroeven vastgezet. Hierdoor ontstaat er veel steun en stabiliteit. Het is een invasieve en complexe operatie, maar de resultaten zijn dusdanig goed dat het de voorkeur heeft van bijna alle orthopeden. Het losgezaagde bot moet wel opnieuw vastgroeien en dat duurt ongeveer 2 maanden. In deze periode is het dus van belang dat de hond rustig loopt en de knie niet te veel belast wordt.

Nazorg

Allereerst moet de wond goed genezen en worden er ontstekingsremmende en pijnstillende medicijnen voorgeschreven. Daarnaast is rust voor de komende twee maanden heel belangrijk. Als dat echt niet lukt dan kan het zijn dat er gedurende de eerste 2 maanden medicijnen worden voorgeschreven waarvan de hond rustig wordt. Meestal moet de hond weer leren om het been goed te gebruiken. In een aantal gevallen is ondersteunende fysiotherapie dan ook aan te raden om een goede spieropbouw te krijgen. Dierenkliniek Hattem werkt samen met gediplomeerde fysiotherapeuten die daarin kunnen voorzien. Overgewicht zal het herstel en het gebruik van de knie niet ten goede komen. Daarom adviseren wij om voor, tijdens en na de operatie, in gevallen van overgewicht, een ondersteunend dieet te geven en gewichtsverlies na te streven. Ongeveer twee maanden na de operatie wordt er een controle röntgenfoto van de knie gemaakt. Bij een volledige genezing is een volle belasting van de knie dan weer mogelijk.

Complicaties

Bij elke operatie kan een complicatie optreden. Bij ingewikkelde operaties is de kans op een complicatie altijd groter. De aard van de complicaties kan variëren. Gerelateerd aan deze operatie moet u denken aan:

  • Een wondinfectie op een implantaat
  • Een breuk van het gezaagde bot
  • Een brekende plaat
  • Een schroef die breekt
  • Artrose van het gewricht
  • Een scheur van de nog aanwezige meniscus

Van belang is dat u weet dat wij er alles aan doen de kans op een complicatie te verkleinen. Denk aan een gecontroleerde werkwijze, pre-operatieve planning en uitgebreide informatie voorziening bij het ophalen van uw huisdier. Bij een eventuele vraag is het van belang dat u contact met ons opneemt.

Uw huisdier mee op vakantie

Uw huisdier mee op vakantie

Steeds meer mensen nemen hun hond of kat mee op vakantie naar het buitenland. Dit kan natuurlijk heel gezellig zijn. Houd er echter rekening mee dat er bepaalde wettelijke regels zijn waar u zich aan dient te houden indien u uw huisdier meeneemt over de grens. Daarnaast komen er in het buitenland een aantal ziektes voor die in Nederland niet voorkomen. Het is verstandig uw hond hier vooraf zo goed mogelijk tegen te beschermen.

Checklist voor vertrek:

  • Bedenk of het verstandig is uw huisdier mee te nemen (Wagenziekte? Te lange reis? Te warm klimaat?)
  • Is het toegestaan uw hondenras mee te nemen naar uw reisbestemming? (In onder andere Frankrijk is het verboden om een aantal hondenrassen in te voeren)
  • Is uw dier in het bezit van een Europees paspoort?
  • Is uw dier gechipt?
  • Heeft uw dier zijn jaarlijkse inentingen gehad? (dit is veelal niet verplicht, maar wel verstandig)
  • Is uw dier ingeënt voor rabiës? (de rabiës vaccinatie moet voor de meeste landen minimaal 21 dagen voor vertrek worden toegediend)
  • Zijn er nog aanvullende invoereisen voor uw reisbestemming? (denk hierbij bijvoorbeeld aan ontwormen tegen vossenlintworm door uw dierenarts kort voor vertrek)
  • Komt er op uw reisbestemming hartworm voor? Zo ja, haal hiervoor geschikte ontworming in huis.
  • Komen er op uw reisbestemming leishmaniose, babesiose of andere door muggen of teken overdraagbare buitenlandziekten voor? Zo ja, bescherm uw dier hier tijdig tegen met bijvoorbeeld een scalibor® band of advantix® spot on.
  • Zorg voor een veilige manier om uw dier te vervoeren in de auto (veiligheidsriem/bench) en informeer indien u met het vliegtuig reist bij de vliegtuigmaatschappij naar de eisen en mogelijkheden om uw dier mee te nemen.

Voor een overzicht van alle invoereisen per land, kijk op www.licg.nl.

Hieronder volgt een kort overzicht van veel voorkomende ziekten in het buitenland en wat u kunt doen om uw dier hiertegen te beschermen.

Hondsdolheid (rabiës)

Zodra u de grens over gaat, is het verplicht uw hond, kat of fret te vaccineren tegen hondsdolheid. Uw dier kan ingeënt worden vanaf 12 weken leeftijd. Drie weken later mag uw dier de grens over. De enting moet altijd gezet worden nadat uw dier gechipt is.

Hondsdolheid kost jaarlijks wereldwijd 55.000 mensen het leven. Een besmet dier kan de ziekte overbrengen op de mens door te bijten, krabben of likken. Na besmetting duurt het 3 tot 8 weken voordat een mens of dier verschijnselen krijgt.

In eerste instantie zijn dat griepachtige verschijnselen (koorts, spierpijn). Daarna stuiptrekkingen en/of verlammingsverschijnselen, slik- en ademhalingsproblemen. Dieren kunnen watervrees krijgen, rare dingen gaan eten en agressief gedrag vertonen. Uiteindelijk raakt de patiënt in coma en overlijdt. Er is geen goede behandeling mogelijk.

Babesiose

De bloedparasiet Babesia wordt overgebracht door een teek (Dermacentor reticulatus). Deze teek komt vooral in Zuid-Europa voor. Eén tot drie weken na besmetting kan uw hond ziek worden: koorts, rode urine, bloedarmoede. De ziekte kan ook chronisch worden.

Met name boven de rode lijn komt de dermacentor reticulatus teek veel voor (bron: ESCCAP)

Honden met Babesiose dienen te worden behandeld met Imidocarb en hebben soms een bloedtransfusie nodig. In het ergste geval kan een hond aan de gevolgen van de infectie overlijden.
Preventief kunt u middelen gebruiken tegen teken en de hond dagelijks controleren op teken.

Babesiose komt bij de kat slechts sporadisch voor.

Ehrlichiose

Ehrlichia canis wordt door dezelfde teek overgebracht als Babesia. Honden met acute Ehrlichiose hebben vaak hoge koorts. Bij chronische Ehrlichiose treden de ziekteverschijnselen jaren (tot meer dan 7 jaar) later op. Chronische Ehrlichiose gaat gepaard met afvallen, gewrichtsontstekingen, ontstekingen aan de nieren en bloedingen.

Preventief kunt u middelen gebruiken tegen teken en de hond dagelijks controleren op teken.

Ehrlichia infecties bij de kat zijn zeer zeldzaam.

Leishmaniose

In het blauwe gebied komt Leishmania endemisch voor (bron: ESCCAP)

De Leishmania parasiet wordt overgebracht door zandvliegen. Deze beestjes zijn met name actief tijdens zonsopkomst en zonsondergang.

Leishmaniose is een chronische ziekte, waarbij we vooral huidproblemen, nierfalen en vermageren zien. De ziekte is vrij goed te behandelen, maar niet te genezen en veel dieren overlijden uiteindelijk toch aan de gevolgen van de infectie. Katten krijgen met name last van huidproblemen zoals schilfers en zweren.
Preventief kunt u een Scalibor® band of Advantix® gebruiken tegen de zandvlieg en kunt u uw dier tijdens de schemering binnen houden.

Er bestaat een vaccin tegen Leishmania (Canileish®). Dit vaccin kan vanaf 6 maanden leeftijd worden gegeven en dient twee maal te worden herhaald (met 3 weken tussentijd). De inenting moet jaarlijks worden herhaald. Het vaccin kan gebruikt worden ter vermindering van het risico op het ontwikkelen van een actieve infectie en een klinische ziekte na contact met Leishmania infantum (één van de vele Leishmania soorten).

Hartworm

In het roodbruine gebied komt hartworm endemisch voor (bron: ESCCAP)

Hartworm (dirofilaria immitis) komt vooral voor in Zuid-Europa. De ziekte wordt overgebracht doordat muggen larven van de hartworm overbrengen van dier naar dier. De larven groeien uit tot wormen en leven in de longslagaders en rechter harthelft. Honden krijgen 6-8 maanden na besmetting hartproblemen. Katten zijn minder gevoelig voor hartworm, maar kunnen op den duur wel klachten krijgen.

Preventief kunt u uw hond of kat Milpro® tabletten geven tegen hartworm. Deze moeten op dag van thuiskomst en 1 maand later gegeven worden.

Vaccineren of titeren?

Vaccineren of titeren?

De laatste jaren ontstaat er steeds meer vraag naar het bepalen van de hoeveelheid antistoffen in het bloed tegen de ziekten waar in Nederland tegen gevaccineerd wordt. De reden hiervoor is dat er veelal gedacht wordt dat vaccinaties schadelijk zouden zijn. Er zijn dan ook veel spookverhalen te lezen op internet.

Bij het “titeren” wordt een kleine hoeveelheid bloed afgenomen om vervolgens de hoogste verdunning te bepalen waarbij antistoffen nog aantoonbaar zijn in het bloed. Dit noemt men de titer. Hoe hoger de titer hoe beter de hond beschermd is tegen de desbetreffende ziekte.
In onze praktijk maken wij gebruik van de VacciCheck, waarmee een betrouwbare inschatting gemaakt kan worden van de bescherming van uw hond voor hondenziekte, parvo en besmettelijke leverziekte.
Door het doen van titerbepalingen kunt u mogelijk de frequentie van het vaccineren verminderen.

Voor welke ziekten kan een titerbepaling gedaan worden?

Enkel voor hondenziekte (Canine Distemper), parvo en besmettelijke leverziekte (Canine Adeno Virus-2) kan een betrouwbare titerbepaling op de praktijk gedaan worden. De titerbepaling voor rabiës kan in het laboratorium gedaan worden.
Er blijkt geen goede correlatie te zijn tussen de hoeveelheid antistoffen voor de ziekte van Weil en bescherming tegen deze ziekte. Voor de ziekte van Weil kan dus het beste jaarlijks ingeënt worden.

Wanneer titeren?

  6 wk  9 wk  12 wk 16
wk (optioneel)
1/2 jaar 1½ jaar 2½ jaar
jaar
4½ jaar 5½ jaar Etc.
Parvo (vaccineren
of titeren)
    vaccineren
of titeren
     
Honden- ziekte   (vaccineren
of titeren)
    vaccineren
of titeren
     
Lever- ziekte     (vaccineren
of titeren)
    vaccineren
of titeren
     
Weil    

✔= vaccinatie

Standaard worden honden in Nederland ingeënt met 6,9 en 12 weken. Echter, uit onderzoek blijkt dat nog niet bij alle pups de antistoffen van de moeder uit het lichaam verdwenen zijn op 12 weken. Voor hondenziekte is dit wel bij 20% van de pups. Zolang deze antistoffen aanwezig zijn, zal een inenting niet aan slaan. Het kan dus verstandig zijn om op 16 weken nogmaals in te enten of op dat moment een titerbepaling te laten doen om te kijken of de inentingen wel zijn aangeslagen. Doet u dat niet en volgt u het standaard entschema, dan zal uw hond met 1/2 jaar leeftijd opnieuw ingeënt worden. Pas dan zijn bijna alle dieren voldoende beschermd.

Normaal gesproken wordt op de leeftijd van 3 1/2 jaar de volgende inenting tegen hondenziekte, parvo en leverziekte gegeven. Dit is dus ook het moment waarop u zou kunnen beginnen met titeren. Is de hoeveelheid antistoffen op dat moment te laag, dan zal uw hond als nog ingeënt worden voor de betreffende ziekten. Daarbij is het soms wel noodzakelijk om toch combinaties van meerdere inentingen te geven. Zo kan leverziekte uitsluitend in combinatie met hondenziekte en parvo gegeven worden.

Zijn er voldoende antistoffen in het bloed dan wordt u, afhankelijk van de hoogte van de titer, geadviseerd om over 1-3 jaar opnieuw bloed te laten prikken. Het is onbekend hoe lang de titers hoog blijven, en we weten dus ook niet precies hoe vaak er getiterd moet worden om tijdig een daling te signaleren.

Is vaccineren schadelijk?

Een fles vaccin en een injectiespuitOndanks alle enge verhalen op verscheidene fora op internet, valt de hoeveelheid bijwerkingen in de praktijk erg mee. Vaak wordt ook vermeld dat dieren die geënt zijn met levende vaccins besmettelijk zouden zijn voor andere dieren. Echter, dit blijkt uit onderzoek helemaal niet te gebeuren. Bij slechts 0,38% van de dieren worden bijwerkingen vastgesteld, welke zelden ernstig zijn. Meestal beperken de bijwerkingen zich tot een pijnlijke plek op de plaats waar de injectie gezet is, iets verhoogde lichaamstemperatuur of diarree. Deze verschijnselen gaan vanzelf over. Soms zien we een overgevoeligheidsreactie waarbij zwelling van de kop optreedt. In dat geval is het verstandig om contact op te nemen.

Zolang men alleen gezonde dieren vaccineert is de kans op bijwerkingen verwaarloosbaar klein in relatie tot de preventieve voordelen die vaccinatie biedt.

Hoe werkt titeren in de praktijk?

U maakt telefonisch of aan de balie een afspraak voor het titeren. Uw hond krijgt een lichamelijk onderzoek, zoals gewoonlijk bij een vaccinatie. Daarna wordt een klein beetje bloed afgenomen. Vervolgens controleren wij de titers met behulp van de VacciCheck. Deze test neemt enige tijd in beslag. U gaat dan ook in de tussentijd gewoon naar huis en wordt later die dag of de volgende dag op de hoogte gebracht van de uitslag, het vaccinatieadvies en de volgende geadviseerde titerdatum.

Het doen van een titerbepaling kost €59,24 inclusief bloedafname en consult. Tegen de ziekte van Weil moet sowieso elk jaar gevaccineerd worden. Deze en eventuele andere vaccinaties kosten na de titerbepaling €38,72. U betaalt na een titerbepaling dus geen consultkosten meer voor de vaccinatie.

Let op! Elke eerste dinsdag van de maand tussen 8:30 en 15:00 uur (op afspraak), kunt u voor een gereduceerd tarief (€48,59) uw hond laten titeren.

Bron: Prof. Nauwynck, Dr. Egberink, Drs Duivesteijn; Proveto cursus Faq & Facts Vaccineren (2016)